
Een kijkje op het grote informatiescherm van ‘Batenburg Nexus’ geeft direct inzicht in hoe het systeem werkt. Het is half vijf ’s middags, af en toe breekt een zonnetje door het wolkendek heen en het pv-systeem op de zonnecarport levert 17,5 kW.
De batterij, die op dat moment voor 88% opgeladen is, doet even niet mee. Het kantoor vraagt 7,5 kW en er worden geen auto’s of elektrische bestelbussen geladen – die moesten immers wijken voor het openingsfeestje. En dus levert het systeem die middag met een vermogen van 10 kW zijn elektriciteit aan het net.
Gelijkstroom: geen omzettingsverlies
Ziedaar het systeem in een notendop. Maar daarmee is niet het hele verhaal verteld, zegt directeur Gerard van Dalen. “Wat deze carport innovatief maakt is het feit dat we voor een groot deel werken met gelijkstroom. De pv-installatie levert gelijkstroom, de batterij ook en we hebben daarnaast vier laadpunten voor gelijkstroomladen.” Overigens zijn de meeste laadpunten in de garage, veertien stuks, op basis van wisselstroom.
Gelijkstroom betekent: minder omzettingsverliezen. In wisselstroomsystemen (AC) is een omvormer achter de pv-panelen geplaatst, waarna een tweede omvormer, in de auto, van de wisselstroom weer gelijkstroom (DC) maakt. Zonde, want bij elke omzetting gaat energie verloren. “Dat kost geld, maar misschien nog wel belangrijker, het kost je beschikbaar vermogen”, zegt Van Dalen.

Elektrische auto's van de zaak
Hij rekent voor: stel dat je een vrachtwagen laadt op 300 kW en bij de omzetting DC-AC-DC gaat twee procent energie verloren. Dan kost je dat 6 kW. Bij tien vrachtwagens levert je dat een extra laadpunt van 60 kW op. Anders gezegd: DC levert de ruimte voor meer laadvermogen binnen dezelfde aansluiting of configuratie.
De bouw van elektrische laadinfrastructuur bij Batenburg gaat intussen gelijk op met de elektrificering van de eigen vloot (met name personenauto’s en installatiebussen), zegt Van Dalen. “Een auto van de zaak is bij ons nu altijd elektrisch. En van de honderd bussen die we hebben bij onze zes vestigingen zijn er inmiddels een kleine 40 elektrisch aangedreven.”
Bidirectioneel: accu op de bouwplaats
Twee van de elektrische auto’s bij Batenburg (Renault 5) hebben bidirectionele laadfunctionaliteit, wat wil zeggen dat ze niet alleen kunnen laden, maar ook ontladen naar het net: Vehicle to Grid, ofwel V2G. In de huidige zonnecarport in Twello is hier nog geen voorziening voor getroffen, al is wel al één van de parkeerplekken hiervoor gereserveerd. Van Dalen: “Met bidirectionele wagens zijn leuke dingen te verzinnen. Denk aan emissieloos bouwen: je rijdt met je volle accu naar de bouwplaats, die daar als energievoorziening kan fungeren. Die kant gaan we op.”
Batenburg heeft in Twello nu niet alleen een fijne duurzame carport, maar vooral een etalage naar buiten – dit kunnen we nu. Eerder al werden zonnecarports neergezet in Amersfoort en in Apeldoorn, maar minder slim. En er is er nog een handvol in ontwikkeling, waaronder een 1,1 MW zonnecarport bij ASML.
Slimme sturing
De slimheid bij het systeem in Twello, gebouwd in samenwerking met parkeergaragebouwer Car Ports, zit hem dus ten eerste in gelijkstroom, en ten tweede in de sturing met energiemanagementsysteem Nexus. Die slimme sturing zorgde ervoor dat Batenburg de zonnecarport kon bouwen zonder bij Liander aan te hoeven kloppen voor een grotere netaansluiting. In tijden van netcongestie is dat een welkome bijkomstigheid.
De tekst loopt verder onder de foto.

Slim laden kent nauwelijks grenzen. Je kan bijvoorbeeld je Outlook-agenda aan je laadsessie koppelen, waarbij het systeem automatisch bepaalt wat de laadbehoefte op welk moment van de dag is. Zover zijn ze bij Batenburg nog niet, hoewel er al wel gebruik wordt gemaakt van dynamic load management, waarbij het vermogen van de laadsessie wordt aangepast aan de beschikbaarheid. Als bijvoorbeeld alle auto’s tegelijk willen laden, dan zal het geleverde vermogen per auto wat geknepen worden.
Eilandbedrijf
Patrick Kleine Schaars, projectleider bij Batenburg, is daarnaast trots op het feit dat het systeem op eilandbedrijf kan werken. Als het net van Liander onverhoopt in storing valt, dan kan Batenburg gewoon doordraaien. Elektriciteit wordt dan geleverd door de zonnepanelen en de batterij.
“We kunnen detecteren dat er een storing komt voordat die er daadwerkelijk is en daardoor kunnen we zonder haperingen schakelen tussen netbedrijf en eilandbedrijf.” Mocht de batterij uiteindelijk toch opraken en het elektriciteitsnet is nog niet hersteld, dan biedt in noodgevallen de naast de carport geplaatste Brinkmann & Niemeijer-dieselaggregaat uitkomst.












